Hoogzomer, wanneer bloemen pure kleur worden
Van dichtbij zijn het klaprozen en madeliefjes; een stap terug, alleen pigment, door het veld uitgelegd.
In juli laten de bloemen de subtiliteit varen. Een klaproosveld leest als één lange streek rood voordat je een enkele bloem kunt onderscheiden; een strook lavendel laat een hele helling in violet zoemen; een pol madeliefjes maakt een weide vlak wit als papier. Het oog houdt op met stengels sorteren en begint kleur per hectare te lezen.
Ze fotograferen is een kwestie van afstand. Kom dichtbij en je krijgt structuur — het zwarte hart van een klaproos, de rafelige rand van één wit bloemblad. Doe een stap terug en dezelfde bloemen lossen op in een waas, het veld vlakt af tot banen zoals een telelens ze graag opstapelt. Geen van beide beelden is fout; het zijn twee foto's die in dezelfde grond groeien.
Op een scherm wint meestal het verre beeld. Een blok klaproosrood of lavendelblauw vult het scherm zonder te vragen bestudeerd te worden, en houdt zijn verzadiging of je nu kijkt of niet. Het is een achtergrond die bijna uit één kleur bestaat — precies het soort dat veertig blikken per dag overleeft.