Roest en patina: kleur die jaren kost
Oxidatie is het traagste pigment dat er is, en het herhaalt nooit een patroon.
IJzer geeft eerst zijn randen prijs. Regen vindt een kras, blijft erin staan, en wat eruit komt is een oranje dat niemand heeft gemengd, ergens tussen baksteen en gedroogde abrikoos, dof waar het metaal glad bleef en korrelig waar het al te hard had gewerkt. Koper neemt de langere weg en komt uit bij groen, een bleek mineraal groen dat van korstmos geleend lijkt.
Van dichtbij houdt het oppervlak op metaal te zijn en wordt het een weerbericht achteraf, een kaart van de plekken waar het water het langst bleef staan. In vlak licht komt het beter uit dan in de zon, want direct licht maakt van elke opstaande schilfer een harde schaduw en het oog gaat schilfers tellen in plaats van de hele plaat te lezen. De kleuren blijven binnen een smalle warme band, en daarom kan een beeld vol verval toch stil aanvoelen.
Op een scherm doet het precies wat textuur hoort te doen. Er beweegt niets, niets wijst ergens heen, en pictogrammen houden hun omtrek omdat het contrast nooit uitschiet. Het is een achtergrond die al voor je verouderd is en tijdens het werken niets van je vraagt.