Veel van hetzelfde
Herhaling maakt van dingen eerst een oppervlak en stuurt het oog daarna op zoek naar die ene die uit de rij viel.
Eén dakpan blijft een dakpan. Veertig worden een oppervlak, en het oog geeft het op ze stuk voor stuk te lezen. Dat is de truc van herhaling: ze zet voorwerpen om in textuur — bolders langs een steiger, voren in een geploegde akker, vogels op gelijke afstand op een draad, ramen die zich langs een gevel opstapelen.
Daarna doet ze het omgekeerde. Zodra het patroon staat, gaat de aandacht op jacht naar de uitzondering: de pan die is weggezakt, de vogel die de verkeerde kant op zit, de voor die om een steen heen buigt. Een vlak van volmaakte herhaling stelt gerust en verveelt een beetje; meestal is één breuk genoeg om van een staal weer een foto te maken.
Op een bureaublad gedraagt dit soort beeld zich opvallend goed. Er is geen enkel brandpunt dat met je pictogrammen in discussie gaat, en bedekt worden deert het niet: snijd een herhalend vlak doormidden en het is nog steeds hetzelfde vlak. Weinig beelden staan een derde van zichzelf af aan een taakbalk en verliezen daarbij niets.